Over schrijver Dick Dreux en scheepsmodelbouw


Origineel geschreven door N. H. H.
Gepubliceerd in Hobby Bulletin, juli 11e jaargang - 1958
Originele titel: Dick Dreux, schrijver van hoorspelen en boeken over de zee, kan de zee niet vergeten. Zijn hobby? Scheepsmodelbouw!
Bezig aan het model van de 18e eeuwse brik „Bellona”, een kaperschip van de Zeeuwse Admiraliteit tijdens de vierde Engelse oorlog. Het model is op 1/3 van de grootte van het bekende model, de Brik „Irene” (Petrejus).

Bezig aan het model van de 18e eeuwse brik „Bellona”, een kaperschip van de Zeeuwse Admiraliteit tijdens de vierde Engelse oorlog. Het model is op 1/3 van de grootte van het bekende model, de Brik „Irene” (Petrejus).

Voordat je goed en wel hebt gelezen, dat je er eindelijk bent — „d’Lichtboey” staat er op een keurig gelakt, blank-eiken bordje — is er al een knaap van een hond tegen je opgesprongen, die je op zijn manier welkom heet in de woonark van de heer D. J. H. ("zeg maar Dick") Dreux.

Mooi woont hij daar. Hond of geen hond. Langs de boorden van 't Spaarne. In een ark, die geen ark meer is, maar een smaakvol ingericht waterhuis, waar je uit het grote raam de in Haarlem nog eens zo speelse zon over de flikker-flakker golfjes van dat woelige watertje ziet dansen. En in welk waterhuis Dick Dreux een eigen hoekje heeft, waar niemand (dan zijn vrouw) mag komen. Dat is een hoekje, waar hij zijn hobby beoefent.

Het bouwen van scheepjes. Op schaal en naar model. In dat hoekje is hij weer helemaal terug op „de schuit". Want deze scheepsmodelbouwer is zijn leven begonnen als waterrat. Vandaar dat Spaarne nog altijd, begrijpt u. En die „Lichtboey”.

 

Drie historische modellen gefotografeerd in ’n historischdécor: het Spaarne met op de achtergrond enkele van de vele mooie oude geveltjes van Haarlem. Van links naar rechts een ongeveer 10 cm lang model (van scheg tot spiegel) van het fluitschip de „Sullevere Halve Maen” omstreeks 1635; daarnaast'n blok-model van de „Rôo Draeck” (de scheg van dit model is niet geheel aan de maat) en tenslotte- nog eens de „Ghulden Sonne”.

Drie historische modellen gefotografeerd in ’n historisch décor: het Spaarne met op de achtergrond enkele van de vele mooie oude geveltjes van Haarlem. Van links naar rechts een ongeveer 10 cm lang
model (van scheg tot spiegel) van het fluitschip de „Sullevere Halve Maen” omstreeks 1635; daarnaast 'n blok-model van de „Rôo Draeck” (de scheg van dit model is niet geheel aan de maat) en tenslotte- nog eens de „Ghulden Sonne”.

Schrijver, zeeman, levenskunstenaar en (hoort dat daar eigenlijk niet ’n beetje bij?) hobbyman. Dat is Dick Dreux. Door zijn vele hoor- en luisterspelen, zijn tekstenschrijverij en zijn documentaties een bekende figuur in de Radiostad. Maar die activiteiten zijn niet de reden dat we (en we doen dat waar het de stad van het „onaangename mens in het Haarlemmerhout” betreft altijd graag) naar de Spaarnekant zijn gegaan. We gingen nu eens om een aangenaam mens te ontmoeten. En om u te vertellen, dat u er weer een hobby-vriend bij hebt. Een scheepsmodelbouwer deze keer. En een echte. Iemand, die zijn kennis en kunde van de schepen niet alleen uit boekjes heeft. Want deze hobbyklant, die in zijn manier van doen en in zijn spraak nog altijd iets heeft van dat rondborstige, dat je alleen verwerft, wanneer je er weet van hebt hoe de kust van Schotland uit de nevels kan opduiken of hoe stralend de zon kan staan boven de adobe-hutjes van Trinidad, heeft zelf gevaren. Vertel hem maar niets over tankers en wilde vaart: hij weet er toch meer van.

Dat geldt ook — en misschien nog in meerdere mate — voor koggeschepen en dromedarissen, fluitschepen of hoe die andere middeleeuwse notedopjes, waarmee rood-bloedige Nederlanders de wereldzeeën veroverden, nog meer mogen heten. Want uit houtsplinters, garen, lijm, documentatie en heel veel enthousiasme worden ze hier, op die miniatuurscheepswerf aan de Spaarnekant, nagebouwd.

Of dat nu een "Halve Maen" of een "Trinity Trader" betreft. Het is dan ook helemaal niet wonderlijk, dat boeken en spelen van Dreux, die — hoe bestaat het — geboren werd in een landstreek, waar wel tot-de-horizon-reikende heidevlakten zijn, maar geen watervalken, op die zee spelen, die hij zo intens lief heeft.

In de gezellige woonkamer van de „Licht-boey” werkt Dick Dreux aan een nieuw hoorspel, mevr. Dreux aan één van haar hobbies:smyrnawerk en „de knaap van ’n hond”, die uw verslaggever bijna overboord werkte ziet belangstellend toe. Achteraf bleek het toch een lief dier te zijn ...

In de gezellige woonkamer van de „Licht-boey” werkt Dick Dreux aan een nieuw hoorspel, mevr. Dreux aan één van haar hobbies: smyrnawerk en „de knaap van ’n hond”, die uw verslaggever bijna overboord werkte ziet belangstellend toe. Achteraf bleek het toch een lief dier te zijn ...

Het is "in zijn hoekje" dan ook een heel klein beetje "zee". Er hangen kostelijke — en kostbare — gravures van oude bommen, er zwerven wat verdroogde zee-egels over de planken en wat munten uit de tijd, dat kaperkapiteins er de wereld voor over hadden om dat geslagen metaal te bemachtigen, rinkelen in de laden. In dezelfde laden, waarin het fijne gereedschap geborgen wordt, dat deze scheepsbouwer gebruikt om zijn masten en schegbeelden te beeldhouwen uit onwillig hout. En waarom nu. Dat is de vraag die de hobby-mensen wellicht het meest interesseert. Waarom juist deze hobby. Alleen maar uit gevoelens van heimwee naar de tijd, dat hij zelf de "son in de see sag sakken" of zit hier wat anders. Is er een andere drijfveer. Ja, die is er: concentratie, geduld, liefde voor het handwerk, alles was "d’rum und d’ran" zit wanneer men een liefhebberij intens beleeft. Want — maar moet ik u als HB-lezer dat eigenlijk nog vertellen — een hobby bedrijven is niet alleen de handen het werk laten doen (al is dat mede belangrijk) maar vooral en vooreerst het naar voren halen van bepaalde karaktereigenschappen, die wellicht eerst sluimeren, maar ontwaken, wanneer er sprake gaat zijn van gezond-bezig-zijn. En dat is geen vondst van ’n in zoetstof gedoopte pen, maar iets, wat uw verslaggever optekende uit de mond van een hobby-man, die we gaarne voegen in de rij van mensen, die — bekend of onbekend — van hun hobby een vrije-tijd vullende constructieve bezigheid maakten. Waar ook u bij zult horen. En Dick Dreux, u weet wel, die zeeman aan wal, die de zee niet kon vergeten

Alle foto’s C. de Boer, Haarlem