De Haarlemmermeer Spoorwegen, deel 4


Origineel geschreven door J. J. B. Vellekoop
Gepubliceerd in Hobby Bulletin, november 16e jaargang - 1963
Originele titel: Uit het stoomtijdperk der N.S.: de Haarlemmermeerspoorwegen deel IV-4

uit-het-stoomtijdperk-der-ns

Afb. 13 - 1B tenderloc. N.S. 5006 (serie 5001-5006). Beyer Peacock & Co.. Manchester. (Foto J. Quanjer)

Afb. 13 - 1B tenderloc. N.S. 5006 (serie 5001-5006). Beyer Peacock & Co. Manchester.
(Foto J. Quanjer)

N.S. Loc. serie 5001-5006 (S.S. 261-266)

Een 3-tal van deze locomotieven (de overigen waren reeds buiten dienst gesteld) hebben sedert 1930 op de Haarlemmermeerlijnen dienst gedaan. Evenals de ll00en waren het 1B machines met binnenliggende cilinders (afb. 13). Gebouwd door Beijer Pea-cock & Co te Manchester in de jaren 1877-'78 waren het de eerste door de S.S. aangeschafte tenderlocomotieven.
Hoewel oorspronkelijk als rangeerlocomotieven in dienst gesteld, werden ze in de 80er jaren voor de treindienst bestemd en wel hoofdzakelijk op de lijn Zwolle-Almelo-Salzbergen. Zoals bij de S.S. gebruikelijk was de standplaats van de machinist links. Zulks is bij de N.S. zo gebleven, daar deze tenderlocomotieven toch afwisselend schoorsteen-voor en schoorsteen-achter reden. Zoals afb. 13 toont, was op het cabinedak een verhoogde ventilatiekap aangebracht.

Afb. 14 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 5301-5310. Sharp Steward & Co., Manchester, 1881/82. (Foto N.S.)

Afb. 14 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 5301-5310. Sharp Steward & Co., Manchester, 1881/82.
(Foto N.S.)

N.S. Loc. serie 5301-5310 (afkomstig van Z.O.S. en N.R.S.)

Zoals wij bij de verhandeling over het N.R.S. bedrijf hebben gezien maakten de nrs. 5309 en 5310 deel uit van haar locomotief park (afb. 14).
De loc’s die omstreeks 1932 voor de Haarlemmermeerdienst werden aangewezen waren oorspronkelijk afkomstig van de Zuid Ooster Spoorweg (Z.O.S.). Ze werden in dienst gesteld bij de opening van de lijn Nijmegen-Den Bosch-Tilburg op 4 juni 1881. Evenals de N.R.S. machines waren ze gebouwd door Sharp Stewart & Co te Manchester, doch hadden in afwijking hiervan een gesloten dom.

Afb. 15 - 2B tenderloc. N.S. serie 7001-7010 (N.C.S. 41-50). Hartmann A.G. Chemnitz, Ho-henzollern, Düsseldorf. (Foto L. Derens)

Afb. 15 - 2B tenderloc. N.S. serie 7001-7010 (N.C.S. 41-50). Hartmann A.G. Chemnitz, Ho-henzollern, Düsseldorf.
(Foto L. Derens)

N.S. Loc. serie 7001-7010 (N.C.S. 41-50)

Enkele van deze locomotieven hebben op de Haarlemmermeerlijnen dienst gedaan (zie afb. 3 in HB mei). Deze zeer doelmatige tenderlocomotiefjes zijn door de N.C.S. in de jaren 1901-’03 in dienst gesteld voor haar buurttreinen Utrecht-Zeist en Utrecht-Baarn.

Zoals afb. 15 weergeeft waren ze van het 2B type met buitenliggende cilinders. De nrs. 41-45 waren gebouwd door Hartmann A.G., Chemnitz, de nrs. 46-50 door Hohenzollern, Düsseldorf. Oorspronkelijk waren deze locomotieven van z.g. Servepijpen voorzien. Dit waren vlampijpen met inwendige ribben, welk ten doel hadden het verwarmingsoppervlak en daardoor het rendement van de locomotief te vergroten. Later zijn enkele locs van deze serie met de Verloop rook­kast­over­verhitter uitgevoerd, met behoud van de Servepijpen. Toen de hierdoor verkregen resultaten niet bevredigend bleken is men tenslotte overgegaan tot de Schmidt vlambuisoververhitter. In 1929 waren alle locomotieven van deze serie hiervan voorzien.

Afb. 16 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 7101-7110 (N.F.L.S. 1-10). Hohjenzol-lern. Düsseldorf 1901/02. (Foto H. Waldorp)

Afb. 16 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 7101-7110 (N.F.L.S. 1-10). Hohjenzol-lern. Düsseldorf 1901/02.
(Foto H. Waldorp)

N.S. Loc. serie 7101-7110, 7111-7125 (H.S.M. 1051-1060, S.S. 531-545)

Ook enkele locomotieven van deze beide series zijn omstreeks 1932 op de Haarlemmeermeerlijnen verschenen. Het waren 1B1 tender locomotieven met binnenliggende cilinders en allen gebouwd door Hohenzollern A.G., Düsseldorf.

De H.S.M. serie 1051-1060 (afb. 16) waren afkomstig van de Noord Friese Lokaalspoorweg Mij. (N.F.L.S. nrs. 1-10) en aldaar in dienst gesteld in de jaren 1901-’02 bij de opening van de lijnen Leeuwarden-Metslawier en Stiens-Tjummarum.

De standplaats van de machinist was links. Ze waren voorzien van zanddom en stoombel op de ketel, welke laatste in later jaren is vervangen door een luchtbel. Oorspronkelijk was de stoombel bovenop het cabinedak geplaatst.

Afb. 17 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 7111-7125 (S.S. 531-545). Ho-henzolllern, Düsseldorf. 1907/08. (Foto L. Derens)

Afb. 17 - 1B1 tenderloc. N.S. serie 7111-7125 (S.S. 531-545). Ho-henzolllern, Düsseldorf. 1907/08.
(Foto L. Derens)

De S.S. serie 531-545 waren van jongere datum en in dienst gesteld in de jaren 1907-’08. Deze machines waren eveneens van het 1B1 type met binnenliggende cilinders. Zoals afb. 17 (S.S. loc. 533) weergeeft vertoonde deze serie veel overeenkomst met die van de H.S.M. Een opvallend verschil was echter dat de S.S. serie, in afwijking van die der H.S.M., een verhoogde ventilatiekap op het cabinedak hadden (evenals de 5000’en).

Zoals afb. 17 laat zien had ook de S.S. serie de stoombel oorspronkelijk bovenop het cabinedak. In later jaren is deze echter op de ketel geplaatst tussen schoorsteen en dom. Het locomotief personeel was met deze wijziging uiteraard zeer ingenomen: de dreunende klepelslag van de stoombel boven hun hoofd was verre van aangenaam.

Afb. 18 - 2B1 tenderloc. N.S. serie 5501-5555 (H.S.M.701-755). Sharp Steward & Co. Glasgow, Werkspoor Amsterdam. (Foto L. Derens)

Afb. 18 - 2B1 tenderloc. N.S. serie 5501-5555 (H.S.M. 701-755). Sharp Steward & Co. Glasgow, Werkspoor Amsterdam.
(Foto L. Derens)

H.S.M. Loc. serie 701-755 (N.S. 5501-5555)

Slechts bij uitzondering hebben enige van deze 2B1 tenderlocomotieven (afb. 18) in later jaren op het Haarlemmermeernet dienst gedaan. Hoewel door de H.S.M. oorspronkelijk bestemd voor het vervoeren van snel- en personentreinen over kortere afstanden met eindstations in kopvorm (Amsterdam-Zandvoort, Schiedam-Hoek van Holland) werden naderhand verschillende van deze locomotieven van een stoombel voorzien voor de dienst op lokaalspoorwegen.

De in 1898-’99 in dienst gestelde nrs. 701-724 waren afkomstig van Sharp Steward & Co, Glasgow, de nrs. 725-755 uit de jaren 1903-’05 van Werkspoor. Hoewel niet voorzien van oververhitter hebben deze machines tot aan het einde van de N.S. stoomperiode zowel op de hoofd- als op de lokaalspoorwegen voortreffelijk werk verricht.

Tenslotte moge nog een locomotieftype worden vermeld welke o.a. het goederenvervoer op de Haarlemmermeer-lijnen verzorgde:

Afb. 19 - C locomotief S.S. nr. 164 serie 161-174, 181-205). Beyer Peacock & Co., Manchester 1865-1878.(Foto L. Derens)

Afb. 19 - C locomotief S.S. nr. 164 serie 161-174, 181-205). Beyer Peacock & Co., Manchester 1865-1878. (Foto L. Derens)

N.S. Loc. serie 2901-2946 (S.S. 161-205)

Deze in de jaren 1865-1878 door Beyer Peacock & Co te Manchester voor de S.S. gebouwde locomotieven waren de eerste aldaar in dienst gestelde machines met 3 gekoppelde assen (afb. 19). Opmerkelijk was dat bij deze serie onderlinge verschillen voorkwamen.

De locomotieven nrs. 175-180 hadden een breed machinistenhuis waarbij de draagveren van de achteras binnen de zijwanden waren gelegen. De overigen waren, zoals afb. 19 van S.S. loc nr. 164 toont, voorzien van een smalle cabine zonder zijwanden, waarbij de draagveren buiten de spartborden waren geplaatst.

In 1908 werden de locomotieven van een stoombel voorzien voor de dienst op lokaallijnen. Zoals op afb. 19 is te zien bevond deze zich, evenals bij de serie 7111-7125, oorspronkelijk bovenop het cabinedak. Omstreeks 1920 werd deze op de ketel geplaatst.

Typerend voor de onverwoestbare constructie van deze Beyer Peacock machines met binnen- en buitenframe-platen is wel het feit dat in 1934 nog geen enkele buiten dienst was gesteld.

Hiermede zijn wij aan het einde gekomen van onze verhandeling over het meermalen wisselende locomotiefpark van de Haarlemmermeerlijnen.
Zelden zal een lokaalspoorweg zulk een verscheidenheid aan locomotieftypen te zien hebben gegeven. Voor de bewonderaars van de stoomtractie is de Haarlemmermeer van thans een verloren Eldorado.....

Geraadpleegde literatuur:

Artikelen van D. van Setten en wijlen Ir. P. Labrijn in „Spoor- en Tramwegen” Technisch maandblad v. d. Nederl. Ver. v. Spoor- en Tramwegpersoneel”, „Onze Nederl. Locomotieven in Woord en Beeld”, door H. Waldorp. Maandblad „Op de Rails” (N.V.B.S.).